Bij De Noorderbrug vindt hij rust

  • Volg ons:

Op zijn 32e krijgt Albert, de broer van Marjolein, een herseninfarct. Op dat moment is hij eigenaar van een succesvol café-restaurant. Door het hersenletsel ontstaat bij hem onder meer epilepsie en kan hij niet meer alleen wonen. Hij trekt bij zijn moeder in. Als hun moeder naar een verzorgingstehuis verhuist, neemt Marjolein een groot deel van de verzorging op zich. Albert heeft steeds meer verzorging nodig en medewerkers van de thuiszorg lopen af en aan. Uiteindelijk is dat niet meer vol te houden en verhuist Albert naar een wooncentrum van De Noorderbrug in Assen. Een goede beslissing, blijkt nu.

In het kort

Het herseninfarct veranderde ons leven

Marjolein: “Voor het herseninfarct was Albert eigenaar van een succesvol café-restaurant. Horeca was zijn passie en het restaurant zijn lust en zijn leven. Het herseninfarct heeft zijn hele leven omgegooid. Door het hersenletsel is zijn zicht verslechterd en kreeg hij epilepsie. Daarnaast is hij linkszijdig grotendeels verlamd geraakt. Het was voor hem niet meer mogelijk om zelfstandig te blijven wonen, dus trok hij bij mijn moeder in. Na het hersenletsel hield Albert zijn bedrijf uiteindelijk nog dertien jaar aan, onder leiding van een bedrijfsleider. Toen dat niet meer ging was hij genoodzaakt het café te verkopen, een moeilijke beslissing voor hem.

Samen met mijn moeder verhuisde hij naar een kleinere woning. Toen mijn moeder niet meer thuis kon wonen, verhuisde zij naar een verzorgingstehuis en kreeg Albert meer hulp van de thuiszorg. Ook voor mij nam de verzorging van mijn broer steeds meer tijd in beslag. Ik hielp hem bij huishoudelijke en administratieve klussen, maar ook bij de dagelijkse verzorging. Albert had regelmatig epilepsieaanvallen, waardoor ik hem soms ’s nachts op bepaalde tijdstippen moest wakker maken uit voorzorg. Dan sliep ik op de bank, in de buurt van Albert, en zette ik 's nachts de wekker. Natuurlijk is dat niet erg, maar ik maakte mij veel zorgen. Als Albert bijvoorbeeld zijn telefoon niet op nam, was ik bang dat hij weer een epilepsieaanval had gehad en was gevallen. Albert had steeds meer ondersteuning nodig en kon uiteindelijk niet meer thuis blijven wonen."


Ik zie Albert opbloeien

"De verhuizing van mijn broer naar De Noorderbrug doet ons beiden goed. Albert zoveel mogelijk helpen en voor hem klaarstaan doe ik met alle liefde van de wereld, maar het heeft veel effect op mijn leven. Het is heel intensief en het kost me veel tijd. En ik heb er veel zorgen van. Ik werk als tolk-vertaler en ook dat vraagt tijd en aandacht. Die combinatie van mantelzorg en werk is niet altijd makkelijk. Sinds Albert bij De Noorderbrug woont, keert bij mij de rust terug omdat ik weet dat hij goed verzorgd wordt. Dat is een gigantische opluchting en ik ben ontzettend blij met de mensen van De Noorderbrug. Albert voelt zich daar goed, ik voel mij daar vertrouwd. Het is niet om de dingen die ik moet doen, maar om de zorgen die je daar van hebt. Ik wil alleen maar het beste voor hem.

Nu Albert bij De Noorderbrug woont, zie ik hem opbloeien. Op het wooncentrum doet hij dingen die hij voor zijn herseninfarct graag deed. Hij heeft jaren een eigen bedrijf gehad en wilde graag iets doen waar hij goed in was. Het zijn misschien kleine dingen voor wie gezond is, maar voor hem betekent het heel veel. ’s Avonds voor het eten de tafel alvast dekken, ’s morgens koffie zetten voor iedereen en de vaatwasser leegruimen. Hij voelt zich gewaardeerd en het geeft hem zelfvertrouwen. Voor mij betekent het dat De Noorderbrug mij veel zorg uit handen neemt. Ik heb één broer. Zijn situatie is zoals die is. Maar mét de beperkingen die hij heeft, toch weten dat hij veilig is en zich prettig voelt. Dat geeft mij rust.”

Print deze pagina